Blog

De relatie met mijn lichaam.

Ik geloof niet in schoonheidsidealen. Tenminste, ik wil er niet in geloven. Een lichaam is een lichaam en een vrouw (ja ja, of een man) die zich fit en gezond voelt met tien maatjes meer verdient als het aan mij ligt net zo veel pluimen als iemand die zich fantastisch voelt met een kleiner maatje en daar hard voor werkt. Ik heb dus een interne tegenstrijd waarbij ik wil afvallen om me fijner te voelen, maar ook niet wil toegeven aan ongezonde schoonheidsidealen. 

Mijn gezicht als ik iets anders dan maïs moest eten.

Worteltjes
Ik ben altijd al een beetje een problematische eter geweest. Met een ex-marinekok als vader stonden “lussiknie” en “williknie” niet echt op het menu, dus heb ik heel wat anekdotes waarin een spannend probeersel van mijn vader eindigde in ruzie en tranen. De mooiste is de keer dat ik mijn gekookte worteltjes op de gang moest eten (als ik iets niet lustte at ik altijd zo traag dat mijn ouders me op de gang zetten). Ik was zo wanhopig dat ik ze in mijn vaders schoenen heb gedeponeerd en vervolgens trots aan tafel ben gaan zitten om mijn toetje te claimen. De volgende ochtend werd ik wakker van een schreeuwende vader die blijkbaar niet had gezien dat er snotgare worteltjes in zijn schoenen waren gepropt.

Chips en chocola
Op de middelbare school kwam het allemaal wat meer tot uiting. Ik was een ongelofelijk lang maar ook een ontzettend dunne slungel en ik werd geconfronteerd met mooie meisjes die make-up droegen, borsten hadden en geen lichamen hadden waarbij het leek alsof iemand het had vergroot zonder op de proporties te letten. Later kwam daar nog een factor bij: zij kregen aandacht van jongens die ik niet kreeg. Ik begon de pil te slikken toen ik een jaar of veertien, vijftien was en hoopte dat ik daarmee wat vrouwelijkere vormen zou krijgen. Ondertussen was mijn eetpatroon één groot drama. Ik ontbeet niet en at ‘s avonds aan tafel amper, maar schranste in de tussentijd alles naar binnen wat ik kon vinden. Op school at ik tussen de middag met gemak een heel stokbrood met kruidenkaas, een reep chocola (die witte met die crispy stukjes erin) en een halve zak paprikachips. De rest van die zak ging in mijn tas voor later op de dag. Bij thuiskomt was die zak chips leeg en at ik meestal nog een pakje noodles gecombineerd met alles wat ik in huis kon vinden. Mijn lichaamsbeweging bestond uit vijf minuten van en naar school fietsen, en gymlessen waar ik nooit aan meedeed omdat ik het stom vond en een docent had die niet genoeg motivatie had om mijn smoesjes te ontkrachten. Ik begon aan te komen, maar zo geleidelijk dat ik het zelf helemaal niet door had. In mijn eindexamenjaar vond ik mezelf ineens dik.

It gets worse.
Ik ben vrij snel na mijn eindexamens op mezelf gaan wonen. Ik was toen zeventien en wist wel hoe ik moest koken, maar had totaal geen zin om er tijd in te steken. Ik kocht dozen met bevroren hamburgers die precies nul voedingswaarde hadden en ik kocht eens in de zo veel tijd een doos noodles bij de toko. Mijn lunch en avondeten bestond dan meestal ook uit wat noodles en een hamburger die nooit helemaal lekker warm was aan de binnenkant. Ontdooien was immers te veel werk. Alle sociale controle was kwijt. Er was niemand die me erop aansprak als ik een maand geen fruit aanraakte. Mijn huisgenoten leken redelijk in staat om af en toe een gezonde maaltijd neer te zetten, maar zelfs als ze vroegen of ik mee wilde eten bleef ik meestal in bed liggen met een zak chips en een halve fles wijn die al net iets te lang buiten de koelkast stond. Ik raakte mijn fiets nooit aan, ging overal naartoe met de bus en schreef me ooit in bij de sportschool om vervolgens maar één keer te gaan.

Ik had bevliegingen die er vooral op neerkwamen dat ik mijn chipshanden afveegde aan mijn broek en me afvroeg waar ik nou eigenlijk mee bezig was. In een avond maakte ik dan bijvoorbeeld een receptenboek, of zocht ik workouts op die ik thuis kon doen zodat ik niet helemaal naar de sportschool hoefde. Ik nam me voor om mooi en dun te worden zodat mensen me zouden waarderen. Meestal hield ik deze gedachte ongeveer een halve dag vol, om mezelf vervolgens weer vol te gieten met bijvoorbeeld bier en twee hamburger-menu’s van de Burger King te halen als avondeten omdat ik het wel verdiende om weer even te genieten. Ik hield mezelf voor dat het feministisch van mezelf was om tevreden te zijn met mijn lichaam vol striemen, mijn blubberige buik en mijn benen die zelfs zonder zomerweer al schuurplekken kregen waar ik niet tegenop kon smeren. Het was de ultieme uiting van self-love om mezelf compleet te laten gaan, zo lang ik maar genoot.

Het knopje
Ik had (en heb) een ongezonde relatie met vrijwel iedereen om me heen. Als mannen me niet zo leuk vinden als ik hen schuif ik het automatisch af op mijn gewicht. Ik nam/neem mezelf niet serieus, maar heb vooral een diepgewortelde onzekerheid die ergens met de pubertijd mee is komen waaien en maar niet weg wilt gaan. Ik ben lui, maar kan slecht bepalen of ik echt lui ben of het een gevolg is van de angst die ik voel dat mensen me nog steeds niet leuk vinden als ik wel slanker ben.

Een tijdje geleden viel het kwartje eindelijk eens een keer. Ik ben 21 en ben pasgeleden terug verhuisd naar mijn ouders omdat ik mijn leven niet genoeg op een rijtje kon krijgen om fatsoenlijk voor mezelf te zorgen (en, you know, totaal geen geld meer hebben). Daarbij heb ik ook nog eens de realisatie dat ik geen plannen heb om voorlopig weer op mezelf te gaan wonen. Ik eet hier automatisch gezonder, maar ben ook tot de conclusie gekomen dat ik niet van mensen kan verwachten dat ze van mij houden als ik niet eens van mezelf kan houden. Dus ben ik braaf begonnen met drie keer per week sporten en gezond eten. Wel op mijn manier, dus zonder schuldgevoel over een bakje chips of een pizza, maar dan in balans. Ik ben op het punt waarop ik voor mezelf en mijn lichaam wil zorgen en goed in mijn vel wil zitten, of dat nou met maatje 42 of maatje 36 is. Ik heb er genoeg van om mezelf het stempeltje “onwaardig” te geven, elke keer als ik in de spiegel kijk.

Dus begeef ik mezelf drie keer per week in de sportschool waar ik vol ongeloof kijk naar mensen die harder werken dan ik ooit heb gedaan en zich duidelijk comfortabel voelen in een sport-bh en een strakke broek. Dan ben ik even jaloers, maar besef ik me vervolgens dat ik er ben om precies hetzelfde te bereiken en ga ik er vol goede moed tegenaan.

Follow my blog with Bloglovin

Spread the love
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
admin (Author)

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *